Thema’s

De maatschappelijke impact van COVID-19 op de Nederlandse samenleving is groot, maar niet eenduidig. De impact kent verschillende dimensies (sociaaleconomisch, emotioneel welbevinden en zorggebruik, hulprelaties en buurtrelaties, algemeen en institutioneel vertrouwen) en verschillen in intensiteit (sommige groepen en stedelijke regio’s worden harder getroffen dan andere). Onderzoek verricht tijdens het voorlopige hoogtepunt van de pandemie laat zien dat de gevolgen vooral groot zijn voor ‘traditioneel’ kwetsbare groepen (lager opgeleiden, ouderen, mensen met een gering inkomen en gering sociaal netwerk), maar ook voor ‘nieuwe’ kwetsbare groepen (mensen met een tijdelijke baan en zzp’ers, onder wie veel jongeren) (Engbersen et al. 2020; Rusinovic et al. 2020). De ongelijke maatschappelijke impact van COVID-19 hangt niet alleen samen met de arbeidsmarktpositie, gender en etnische herkomst van groepen, maar ook met andere kenmerken zoals leeftijd en gezondheid. In dit project wordt in onderlinge samenhang onderzocht op welke manieren de pandemie en de getroffen maatregelen impact hebben op de samenleving, de mate waarin dit het geval is voor verschillende groepen en in verschillende steden, en hoe ervaren kwetsbaarheid en veerkracht zich door de tijd ontwikkelen.

Dit onderzoek richt zich op de gevolgen van COVID-19 voor werk en inkomen; zorgmijding en zorggebruik; emotioneel welbevinden en zorggebruik; solidariteit en informele hulp; sociale relaties in buurten; en algemeen en institutioneel vertrouwen. Deze thema’s onderzoeken we vanuit een multidisciplinair perspectief, gebruikmakend van theoretische benaderingen en concepten uit de sociologie (over ongelijkheid en hulpbronnen) politicologie (over vertrouwen), en gezondheidswetenschappen (over emotioneel welbevinden en zorggebruik). Inzichten uit relevante nationale en internationale studies zijn leidend geweest bij het maken van de vragenlijst.